JavaScript is required for this website to work.
Multicultuur & samenleven

Brief van een blanke man

Philip Roose29/11/2017Leestijd 4 minuten
Twee Ken-poppen (van Barbie) uit vervlogen tijden. Mag Ken nog?

Twee Ken-poppen (van Barbie) uit vervlogen tijden. Mag Ken nog?

foto © Reporters

In tijden van ‘vloeibare identiteiten’ verpersoonlijk ik als blanke man ‘white supremacy’ en maak ik gebruik van mijn ‘witte privileges’.

Aangeboden door de abonnees van Doorbraak

Dit gratis artikel wordt u aangeboden door onze betalende abonnees. Als abonnee kan u ook alle plus-artikelen lezen. Doorbreek de bubbel vanaf €4.99/maand.

Ik neem ook een abonnement

Ik behoor niet tot een bepaalde minderheid. Ik ben geen vrouw en heb geen twijfels over mijn geslacht. Mijn huidskleur is bruin noch zwart. Ik lust geen quinoa hamburgers en behoor niet tot de vegetarische of veganistische bond. Ik eet graag vlees en drink daarbij al eens een glaasje wijn of een trappist. Mijn religieus gevoel gaat niet verder dan het cultuurkatholicisme en mijn echtgenote deelt haar schoonheid zonder hoofddoek met de wereld, ook op strand. Ik werk, betaal mijn belastingen (en boetes) en kraak geen huizen. Mijn kinderen doen hun best op school en liggen op tijd in bed. Kortom: ik ben de beruchte ‘blanke man’ uit de middenklasse.

Bange blanke man

In tijden van ‘vloeibare identiteiten’ ben ik de verpersoonlijking van de ‘white supremacy’ en maak ik gebruik van mijn ‘witte privileges’. De blanke man, ook wel de paria van de opiniepagina’s en van de politiek correcte twitter- en facebooksalons, of de grote afwezige in de talkshows, die wordt overladen met alle  zonden van Israël. Durft hij hiertegen enig weerwerk te bieden, dan wordt zelfs een reductio ad Hitlerum of Weinsteinum niet geschuwd. Het beste wat de blanke man kan doen is zich onvoorwaardelijk en voortdurend excuseren voor de erfzonden van de ‘homo albus’.

Vergis u niet, de politieke voorkeur van de blanke man doet er niet toe. Indien hij er centrumrechtse of, erger, conservatieve ideeën op nahoudt, is hij natuurlijk een gemakkelijke prooi voor deze groep van zelfverklaarde ‘strijders der sociale rechtvaardigheid’. Maar ook de linkse blanke man moet zich geen illusies koesteren, want één te kritische noot en hij behoort niet meer tot het ‘echte links’. De linkerzijde heeft de socio-economische ideologie namelijk sinds een paar decennia uitgebreid met een cultureel-ethische visie: alle minderheden zijn goed versus de blanke man is slecht. Daarbij is elke minderheid altijd het slachtoffer van ‘white supremacy’, en zelfs indien de blanke man hierin geen ‘actieve’ rol speelt als agressor, dan toch is hij schuldig omwille van zijn ‘witte privileges’. Tevergeefs heb ik gezocht naar die ‘witte privileges’, maar het bleek een groter mysterie dan alle geheimen van Fatima bijeen. Er bestaan in deze door blanke mannen gedomineerde samenleving maar twee legale opties om te discrimineren: positieve discriminatie van minderheden bij aanwervingen en discriminatie door religies.

Links

Vroeger was links nog gewoon links omdat het de kant koos van de arbeiders en meer sociaaleconomische rechtvaardigheid nastreefde. Links deed dat zo goed, dat die arbeider zelf een deel van de middenklasse is geworden. Vandaag vissen Groen en sp.a in de vijver der hoogopgeleide risico-schuwende vastbenoemde pseudo-intellectuele vijver. Van die (blanke) linkse militanten wordt op z’n minst verwacht dat ze met postkoloniale literatuur zwaaien, hun kinderen genderneutraal speelgoed kopen en elke culturele eigenheid van migranten kritiekloos omarmen. Behoort u niet tot de groep van gekleurde medemensen, twijfelt u niet over uw gender, breit u geen schreeuwigere pussyhats of maakt u geen deel uit van een textielrijke religieuze  minderheid, dan is uw mening voor hen niet relevant.  Integendeel, u mag reeds blij zijn niet als seksist, xenofoob en/of post-koloniaal te worden gestigmatiseerd.

Links heeft het (verzadigde) historisch materialisme ten dele vervangen door een politiek correct ‘manichéisme idéologique’: de gedachtegang  waarbij de historische en intellectuele waarde van de geschriften van blanke mannen zoals Aristoteles, Augustus of Nietzsche wordt bepaald aan de hand van hun mening over vrouwen of slavernij. Dezelfde redenering gaat schuil achter de beeldenstorm tegen herdenkingsmonumenten voor gesneuvelde Confederale soldaten in Charlottesville of achter het recente protest tegen Columbus Day, een feest nota bene opgericht door Italiaanse migranten om de sterke band tussen de Verenigde Staten en Italië te vieren.

Terwijl de realist met de woorden van Kant erkent dat ‘de mens uit zulk krom hout gemaakt is dat daar niets rechts van getimmerd kan worden’, is volgens de nieuwe politiek-correcte denkwijze de zelfbewuste blanke man uit de middenklasse ontologisch slecht.  Zelfs een onontwikkelde migrant uit primitievere culturen wordt hoger geacht dan de West-Europese mens met zijn socio-economische  en democratische vooruitgang en beschaving. Deze theorie van de ‘edele wilde’ komt, sinds het werd neergeschreven door Jean-Jacques Rousseau in zijn Discours sur l’origine et les fondements de l’inégalité parmi les hommes, regelmatig terug. Sinds de jaren 60 zelfs onder de vorm van het linkse cultuurrelativisme en vooral culturele zelfhaat: de eigen (katholieke) tradities en waarden werden niet gekoesterd en hervormd, maar volledig verloochend. In 1991 maakte Willem Vermandere, als woordvoerder van het kritiekloze multiculturalisme, van de sceptische blanke man een ‘bange blanke man’. De kritiek op massamigratie uit landen met cultureel sterk verschillende waarden bleek echter terecht. Tot op vandaag blijft het moeilijk om rationeel over migratie te spreken, terwijl Macchiavelli reeds besefte dat de veiligheid en stabiliteit van een samenleving soms tegenstrijdig is met de christelijk moraal of de mensenrechten.

Alles

De ‘slachtoffers’ van de ‘white supremacy’ vergeten echter dat niet de ‘edele wilde’ maar de blanke mannen (en vrouwen) uit de middenklasse verantwoordelijk waren voor zowat alles wat onze liberale democratie hen vandaag te bieden heeft: veiligheid, vrijheid, welvaart, democratie  en mensenrechten. De maatschappelijke politiek-correcte utopie waar men ter linkerzijde naar streeft, dreigt wederom te resulteren in een dystopie. In het beste geval blijft het bij een geweldloze, maar daarom niet minder schadelijke McCarthy-bis. Meningen van blanke mannen worden snel weggewuifd als polariserend of weinig verbindend, en indien men een beetje provoceert dreigt een sociale (media) uitsluiting. Politiek filosoof Isaiah Berlin schreef echter deze wijze woorden: ‘Vrijheid betekent het toelaten van pluralisme; dat mensen ieder voor zich hun idealen en doeleinden moeten kunnen najagen. De zoektocht naar een conflictloze harmonieuze samenleving is een illusie. Een platonisch ideaal waar we van af moeten zien.’  Ook Berlin was een blanke man.

 

Philip Roose (1979) studeerde geschiedenis in Leuven en Granada en marketing en management in Parma. Hij woont in Catania (Sicilië) en exporteert Italiaanse wijnen. Samen met Joost Houtman schreef hij het boek 'Bella Figura: Waarom de Italianen zo Italiaans zijn?' (Uitgeverij Vrijdag; verschijnt 31 mei 2018).

Meer van Philip Roose

Woorden scheppen de realiteit, of toch de perceptie ervan. Philip Roose over de instrumentalisering van taal.

Commentaren en reacties