De Oranjes hebben in 1970 de deal van hun leven gemaakt. In dat jaar werd Paleis Soestdijk gekocht door de Nederlandse staat. Daarvoor werd een bedrag neergeteld van 4.288.000 gulden, bijna twee miljoen euro.

Het paleis is net opnieuw verkocht, zo werd donderdag bekend. Deze keer door de staat aan een consortium dat er een hotel van gaat maken. De koopsom bedraagt 1,7 miljoen euro, omgerekend bijna 3,5 miljoen gulden.

Gezien de stijging van vastgoedprijzen en de geldontwaarding in de tussenliggende halve eeuw, is er dus in 1970 veel te veel geld betaald. Met de huidige koopsom op de vrije markt in het achterhoofd had het paleis toen nog geen miljoen gulden moesten kosten, volgens de historische koopkrachtcalculator van het Instituut voor Sociale Geschiedenis in Amsterdam.

De waarde van Soestdijk heeft eerder sterk gefluctueerd. In 1850 betaalde de vrouw van koning Willem II er niet minder dan 500.000 gulden voor. Veertig jaar later werd het paleis na de dood van koning Willem III echter getaxeerd op een schamele anderhalve ton.

De Duitsers hebben het tijdens de oorlog op 100.000 reichsmark ingeschat. Het is natuurlijk ook geen courant pand, de prijs is wat de gek er voor geeft.

Financiële situatie van de Oranjes

De gek is in dit geval de staat geweest, die aan het einde van de jaren zestig de financiële situatie van de Oranjes wilde verbeteren. Daartoe werden enkele paleizen aangekocht. De Oranjes mochten daar gewoon blijven wonen, zonder een vergoeding te betalen. Dat heeft ze in de loop der decennia behoorlijk veel geld bespaard.

Hoe de prijs toen tot stand is gekomen, is niet bekend. Maar dat er te veel is betaald, staat door de huidige transactie wel vast.

Ook het Hof in Leeuwarden is in die periode door de staat aangekocht van koningin Juliana en prins Bernhard. Het stel klaagde graag dat ze niet rijk waren, maar verdiende 3 miljoen gulden op het pand dat ze via een erfenis hadden gekregen.

LEES OOK OP FAQT.nl